relatiegericht-icon Relatiegerichte advocatuur
transparant-icon Transparante werkwijze
expert-icon Team van juridische experten
reactie-icon Reactie binnen 24u
resultaat-icon Resultaatgerichte aanpak

Arbeids- en sociaal recht

Internationale tewerkstelling

Detachering in de bouw en het probleem van sociale dumping

Sep 9, 2021
Detachering in de bouw en het probleem van sociale dumping

Hoe pakken België en Europa detachering en sociale dumping aan? Het is en blijft een politiek en praktisch heikel punt. Detachering is vaak een handig instrument om bepaalde expertise aan te werven en werkzaamheden uit te voeren, maar leent zich ook vaak tot sociale dumping. Het gaat hand in hand met elkaar. Wie gebruik maakt van detacheringen, dient daarom rekening te houden met een groot aantal regels, geïnspireerd door Europese regelgeving.

 

Algemeen kader van detachering naar België

Het principe van vrij verkeer van personen vormt een van de grondslagen van de Europese Unie en geeft een werkgever de mogelijkheid om zijn werknemer uit te sturen naar een ander land binnen de Europese Unie om daar voor zijn rekening te gaan werken (detachering genoemd). Dit is voor de werkgever interessant, omdat de gedetacheerde werknemer in principe onder de wetgeving van zijn thuisland blijft ressorteren en bijgevolg – meestal – minder sociale lasten moet betalen op zijn loon. Voornamelijk de bouw- en transportsector staan gekend voor het veelvuldig toepassen van detachering.

België heeft de in 2018 herziene Europese Detacheringsrichtlijn op 12 juni 2020 omgezet in een nieuwe Detacheringswet. Deze omvat een uitbreiding van de “harde kern” aan minimumvoorwaarden die sociale dumping (zie verder) moeten tegengaan en tegelijkertijd oneerlijke concurrentie moet voorkomen.

 

Naleving Belgische arbeidsvoorwaarden

Opdat detachering mogelijk is, dienen gedurende de eerste 12 maanden van de detachering minstens enkele “harde kern” arbeidsvoorwaarden vervuld te zijn. Zo moeten de loon- en arbeidsvoorwaarden van het land waarin men werkt, gerespecteerd worden. Werknemers die naar België gedetacheerd worden, hebben onder meer recht op hetzelfde loon en dezelfde wettelijke vergoedingen als Belgische werknemers, genieten van dezelfde bescherming inzake welzijn op het werk en vallen onder hetzelfde toepassingsgebied van het verbod op discriminatie. Voor het overige zal het arbeidsrecht van het thuisland van de werknemer onverlet gelden. Zo kan de sociale zekerheid op het loon verder betaald worden in het thuisland indien de werknemer daar vooraf onderworpen is aan de sociale zekerheid.

Na een termijn van 12 maanden zal de gedetacheerde werknemer niet alleen recht hebben op  de “harde kern” maar op alle arbeidsvoorwaarden die in het land van tewerkstelling van toepassing zijn, met uitzondering van de voorwaarden en procedures voor het sluiten en beëindigen van arbeidsovereenkomsten en de aanvullende pensioenregelingen. Dit betekent dat een gedetacheerde werknemer na 12 maanden dus in principe ook recht zal hebben op bijvoorbeeld gewaarborgd loon, klein verlet, ... Een werkgever kan van de verplichting om deze bijkomende arbeidsvoorwaarden toe te passen, vrijgesteld worden gedurende de eerstvolgende zes maanden indien hij hiervoor een gemotiveerde kennisgeving bezorgt aan de FOD WASO.

Voor detachering dient men in bezit te zijn van een A1-document. Dit is een uniform Europees document dat de socialezekerheidswetgeving bevestigt die van toepassing is indien men in meer dan één EU-lidstaat werkt. Ook moet er voor iedere gedetacheerde werknemer een Limosa-melding, zijnde een melding aan de Belgische RSZ, gedaan worden. De Limosa-melding bevat onder meer bepaalde vermeldingen m.b.t. de tewerkstelling van de werknemer (arbeidsplaats, duur van de detachering, werkroosters, enz.) Als bewijs van deze melding ontvangt men een formulier L1.

 

Extra formaliteit in de bouwsector

De werken in onroerende staat en levering van stortklaar beton moeten bovendien zowel door de Belgische als de buitenlandse (onder-)aannemers ook aangegeven worden in de werfmelding 30bis. Op die manier hebben de inspectiediensten (en de hoofdaannemer) een zicht op welke arbeidskrachten op een werf aanwezig zijn.

Recentelijk is met de instorting van de schoolwerf in Antwerpen helaas moeten blijken dat de identificatie van sommige gedetacheerde werknemers nog steeds geen vanzelfsprekendheid is omwille van het niet naleven van de Limosa- of werfmeldingsplicht.

Voormelde arbeidsvoorwaarden gelden dan ook als essentiële voorwaarden die de bescherming van de rechten van de werknemers waarborgen. Aangezien de niet-naleving van deze bepalingen strafrechtelijk gesanctioneerd wordt, zijn de bepalingen van openbare orde.

 

Sociale dumping

Indien voormelde arbeidsvoorwaarden niet worden nageleefd, is er mogelijk sprake van sociale dumping. Geregeld worden gedetacheerde werknemers zwaar onderbetaald, moeten ze overuren kloppen en worden ze tewerkgesteld in soms mensonwaardige omstandigheden. Deze uitbuiting leidt tot oneerlijke concurrentie ten nadele van Belgische werknemers, terwijl er misbruik wordt gemaakt van buitenlandse werknemers. Aangezien in de Europese Unie gemiddeld 17 miljoen mensen worden gedetacheerd, is sociale dumping een grensoverschrijdend probleem dat grondig dient te worden aangepakt.

 

Belgische benadering

Goed georganiseerde inspectiediensten zijn essentieel om de naleving van de detacheringsregels te garanderen en zo sociale fraude en sociale dumping tegen te gaan. Het bestrijden van de sociale dumping in België is een kernopdracht van de dienst Toezicht op de Sociale wetten (TSW). Het TSW oefent met haar gespecialiseerde cellen het toezicht uit op de regels, kan informeren en waarschuwen maar uiteindelijk ook inbreuken regulariseren en in laatste instantie sanctioneren aan de hand van proces-verbalen.

In 2013 startte de Belgische regering een actieplan tegen sociale dumping. Zo werden onder meer de maandelijkse controles op de grensoverschrijdende tewerkstelling door de gespecialiseerde cellen versterkt. Tegelijk werd onder meer de wetgeving op terbeschikkingstelling verstrengd en werd een hoofdelijke aansprakelijkheid van loonschulden van de hoofdaannemer en opdrachtgever bij ernstige onderbetaling van de werknemers van de onderaannemers ingevoerd.

Later werd ook bepaald dat een buitenlandse onderneming die in België tijdelijk mensen laat werken een verbindingspersoon dient aan te stellen die voor de inspectiediensten als contactpersoon moet optreden en hen alle gevraagde documenten (zoals de arbeidsovereenkomsten of loonbetalingsbewijzen) kan bezorgen.

In een kaderakkoord van 12 november 2019 werd bovendien voorzien in multidisciplinaire  onderzoeksteams (MOTEM), waarbij sociale inspectiediensten in samenwerking met de gerechtelijke politie georganiseerde sociale fraude (zoals sociale dumping) aanpakken en doorgedreven controles uitvoeren op de naleving van de toepasselijke sociale regelgeving.

 

Europese Arbeidsautoriteit

Op Europees niveau is in juli 2019 een belangrijke stap in het bestrijden van sociale dumping gezet met de oprichting van het Europese Arbeidsautoriteit (ELA), hetwelk wellicht pas in 2024 volledig operationeel zal zijn.

De ELA is een orgaan dat oneerlijke concurrentie, uitbuiting en fraude in de arbeidsmobiliteit binnen de EU tegengaat door toezicht te houden op de handhaving van Europese regels voor grensoverschrijdende arbeid. Vervolgens stimuleert zij voornamelijk een betere samenwerking tussen nationale arbeidsinspecties door het vergemakkelijken van de toegang van particulieren en werkgevers tot informatie over hun rechten en plichten en over relevante diensten enerzijds en door het ondersteunen van de samenwerking tussen de lidstaten in geval van grensoverschrijdende toepassing van de regels.

Een belangrijk element daarbij is dus het mogelijk maken van gezamenlijke inspecties. De ELA kan de lidstaten een gezamenlijke inspectie van mogelijke gevallen van fraude of misbruik voorstellen, maar niet opdringen. De ELA heeft als bemiddelende instantie namelijk geen bindende bevoegdheid heeft, waardoor de lidstaten de inspectie dus steeds kunnen weigeren.

 

Conclusie

Sociale dumping bij detachering, en met name in de bouwsector, is en blijft een heet hangijzer. Op Europees niveau werden recent een aantal belangrijke stappen gezet om detachering en sociale dumping aan te pakken, zoals de oprichting van de Europese Arbeidsautoriteit, die problemen bij grensoverschrijdende tewerkstelling zou kunnen aanpakken. Ook in België bindt men de strijd aan met sociale dumping door onder meer de oprichting van multidisciplinaire onderzoeksteams. Of dit voldoende zal zijn om sociale dumping een halt toe te roepen, zal moeten blijken uit de toekomst.

 

Heeft u vragen over detachering of sociale dumping? Neem dan zeker contact op met onze specialisten Jana Kern, Maxime Jeanray en Thibault Van de Ryse zodat wij u op maat kunnen adviseren.