
5 mei 2026
Heb je nog een vergunning nodig voor binnenverbouwingen met stabiliteitswerken en wat met de verplichte tussenkomst van de architect?
Voor een aantal stedenbouwkundige handelingen is voortaan geen omgevingsvergunning meer vereist. Deze wijziging vloeit voort uit aanpassingen aan het Vrijstellingsbesluit, zoals doorgevoerd bij het wijzigingsbesluit van 6 februari 2026, ter uitvoering van het Verzameldecreet Omgeving 2024. De vraag rijst evenwel of voor deze vrijgestelde werken nog steeds de medewerking van een architect vereist is. Hoe dat juist in elkaar zit, leest u hier.
Een vrijstelling van de vergunningsplicht voor binnenverbouwingen
Een van de meest ingrijpende wijzigingen betreft de vrijstelling van de vergunningsplicht voor binnenverbouwingen. Zelfs wanneer deze gepaard gaan met stabiliteitswerken, kunnen zij onder de nieuwe regeling op heden, in de meeste gevallen, zonder voorafgaande vergunning worden uitgevoerd.
De Vlaamse Regering is van oordeel dat binnenverbouwingen geen relevante ruimtelijke implicaties hebben wanneer de functie van het gebouw ongewijzigd blijft en het aantal woongelegenheden niet wijzigt. Vanuit dat perspectief acht zij het dan ook logisch om dergelijke handelingen vrij te stellen van de omgevingsvergunningsplicht.
De vraag stelt zich dan ook of de tussenkomst van een architect bij deze vrijgestelde werken nog steeds verplicht is, zoals dat vóór de wijziging van het Vrijstellingsbesluit het geval was?
De rol van de architect bij binnenverbouwingen
Traditioneel was de tussenkomst van een architect verplicht voor vergunningsplichtige werken, zoals verankerd in de Architectenwet van 20 februari 1939. De verplichting tot tussenkomst van een architect was aldus rechtstreeks gekoppeld aan de vergunningsplicht.
Door het recent gewijzigde Vrijstellingsbesluit is de vergunningsplicht voor binnenverbouwingen evenwel weggevallen, waardoor de tussenkomst van een architect niet langer automatisch verplicht is in de zin van de Architectenwet.
Aanvankelijk stelde de Vlaamse Regering dat deze hervorming geen afbreuk doet aan de algemene zorgvuldigheidsplicht die op eenieder rust, en dat deze norm volstaat om te waarborgen dat het raadplegen van een architect bij binnenverbouwingen met stabiliteitswerken aangewezen blijft.
Zo mag, aldus de minister, van een bouwheer nog steeds worden verwacht dat hij handelt als een voorzichtig en redelijk persoon en zich, in functie van de aard en complexiteit van de werken, laat bijstaan door een architect (zie parlementaire vraag nr. 2669 (2025-2026)).
Rechtsonzekerheid over de tussenkomst van de architect bij binnenverbouwingen
Deze nieuwe benadering leidde tot heel wat vragen en ongerustheid. Immers waar voorheen een duidelijke wettelijke verplichting bestond tot tussenkomst van een architect bij vergunningsplichtige binnenverbouwingen, wordt thans teruggevallen op de algemene zorgvuldigheidsnorm om te beoordelen of het raadplegen van een architect vereist is bij binnenverbouwingen met stabiliteitswerken die inmiddels van de vergunningsplicht zijn vrijgesteld.
Dit leidt evenwel tot rechtsonzekerheid. De noodzaak om een architect te raadplegen zou voortaan afhangen van de concrete invulling van die zorgvuldigheidsnorm, die in de praktijk vaak pas achteraf wordt beoordeeld, met name in het kader van aansprakelijkheidsdiscussies na uitvoering van de werken.
Deze onzekerheid treft niet alleen de bouwheer, maar ook aannemers, architecten en verzekeraars. Het wordt minder duidelijk wie welke verantwoordelijkheid draagt en wie welk risico loopt, waardoor de situatie in de praktijk minder voorspelbaar en potentieel conflictgevoelig wordt.
Nieuwe voorwaarde voor de vrijstelling van de vergunningsplicht bij binnenverbouwingen
De onrust die deze hervorming van het Vrijstellingsbesluit heeft veroorzaakt, heeft de Vlaamse Regering er intussen toe aangezet een belangrijke aanpassing in te voeren aan de vrijstelling van binnenverbouwingen met stabiliteitswerken.
Zo zal de vrijstelling voor binnenverbouwingen met stabiliteitswerken voortaan uitdrukkelijk worden gekoppeld aan de voorwaarde dat een architect wordt aangesteld voor zowel het ontwerp als de controle van de betrokken werken.
Concreet impliceert dit dat bij binnenverbouwingen met impact op de stabiliteit, evenals bij bepaalde gevel- en dakwijzigingen met structurele implicaties, de tussenkomst van een architect een voorwaarde is om van de vrijstelling te kunnen genieten.
Op die wijze wordt beoogd de impact van de vrijstelling van de vergunningsplicht voor binnenverbouwingen te neutraliseren en de vroegere waarborgen inzake de controle door de architect te herstellen. Deze aanpassing aan het gewijzigde Vrijstellingsbesluit van 6 februari 2026 ligt momenteel voor advies bij de Raad van State (zie parlementaire vraag nr. 3423 (2025-2026)).
Besluit
Eerst nadenken, dan doen… Zou men denken…
En eerst doen en dan pas communiceren. Zou men ook denken.
Voorlopig is de aangekondigde aanpassing van het gewijzigde Vrijstellingsbesluit evenwel nog hangende voor advies bij de Raad van State.
Bijgevolg bestaat er op heden nog geen expliciete wettelijke basis die de verplichte tussenkomst van een architect bij binnenverbouwingen voorschrijft. Bijgevolg blijft de algemene zorgvuldigheidsnorm richtinggevend om te beoordelen of het aangewezen is een architect te raadplegen voor het ontwerp en de controle van binnenverbouwingen, evenals voor bepaalde gevel- en dakwijzigingen met stabiliteitswerken.
Een robuust en rechtszeker vergunningenbeleid start uiteraard met een robuust en rechtszeker regelgevend kader met op zijn minst al de nodige duidelijkheid over het al dan niet vergunningsplichtig karakter van bepaalde werken. Helaas moet het eerst weer erger worden vooraleer het hopelijk weer beter wordt.
Gelukkig weten wij het wél nog en kan u bij ons terecht voor onafhankelijk en correct juridisch advies voor al uw omgevingsrechtelijke vragen.
Neem gerust contact op met onze specialisten in het omgevingsrecht. Wij staan u graag bij.
Disclaimer
De informatie op deze website en in onze publicaties is uitsluitend bedoeld voor algemene informatiedoeleinden en vormt geen juridisch advies. Aan de inhoud kunnen geen rechten worden ontleend. Voor advies aangepast aan uw specifieke situatie, raden wij aan om contact op te nemen met een advocaat.






