
30 april 2026
Mei 2026: flitscontroles in de verhuis- en transportsector
De aangekondigde flitscontroles in de verhuis- en transportsector in mei 2026 vormen geen alleenstaande actie, maar passen binnen een duidelijke trend van verscherpte sociale handhaving door de inspectiediensten. De overheid zet hiermee nadrukkelijk in op het bestrijden van sociale fraude en het waarborgen van eerlijke concurrentie. Voor ondernemingen in deze sectoren is het dan ook zeer belangrijk om zich grondig voor te bereiden op deze controles en hun sociale verplichtingen strikt na te leven.
De flitscontroles kaderen binnen een breder handhavingsbeleid en een strategisch plan van de overheid
Begin dit jaar kondigden de sociale inspectiediensten gerichte flitscontroles aan binnen zowel de verhuis- als de transportsector in mei 2026. Deze controles kaderen niet alleen in een preventief beleid, maar passen ook binnen een ruimer handhavingskader dat de komende jaren verder wordt aangescherpt.
De verhoogde controleactiviteit sluit aan bij het Strategisch Plan 2026-2029 inzake de strijd tegen sociale fraude, illegale arbeid en sociale dumping, dat door de Ministerraad werd goedgekeurd op 28 november 2025. Dit plan vormt het beleidsmatige referentiekader voor de komende vier jaar en zet in op een meer doelgerichte en doortastende handhaving.
Centraal binnen dit strategisch plan staat een risico-georiënteerde en data-gedreven aanpak. Inspectiediensten zullen hun middelen prioritair inzetten in sectoren en situaties waar de kans op inbreuken het grootst is. Daarbij wordt ook nadrukkelijk gekozen voor een multidisciplinaire benadering, waarbij verschillende inspectiediensten samenwerken en informatie uitwisselen om complexe fraudemechanismen efficiënter aan te pakken. De handhavingsketen wordt bovendien integraal benaderd, gaande van preventie en sensibilisering tot effectieve sanctionering.
Het plan steunt op zes strategische pijlers, waaronder een versterkte (inter)nationale samenwerking, bijkomende investeringen in capaciteit en technologie voor inspectiediensten, en een kordater sanctiebeleid met als doel de pakkans te verhogen en eerlijke concurrentie te vrijwaren. Daarnaast wordt ook ingezet op preventie, transparantie en administratieve vereenvoudiging, evenals op het garanderen van veilige en conforme arbeidsomstandigheden.
De concrete uitwerking van deze doelstellingen gebeurt via het actieplan sociale fraudebestrijding 2026–2027, dat op 1 januari 2026 in werking is getreden. De aangekondigde flitscontroles moeten dan ook worden gezien als een eerste zichtbare uiting van deze beleidskeuzes.
Wat kunnen ondernemingen verwachten tijdens deze controles?
De flitscontroles hebben in essentie een informatief en sensibiliserend karakter. Bij vaststelling van inbreuken zal in eerste instantie vaak een waarschuwing volgen. Dit neemt echter niet weg dat bij ernstige of herhaaldelijke overtredingen onmiddellijk proces-verbaal kan worden opgesteld, met mogelijke administratieve of strafrechtelijke sancties tot gevolg.
Een grondige voorbereiding blijft essentieel én belangrijk. Via de website van de Sociale Inlichtingen- en Opsporingsdienst (SIOD) kunnen ondernemingen meer informatie terugvinden over het opzet van deze controles evenals sectorgerichte checklists.
Bij een controle is het aangewezen dat ondernemingen onmiddellijk een aantal documenten kunnen voorleggen, zoals het arbeidsreglement, alle toepasselijke werkroosters, loon- en prestatiegegevens van werknemers, de arbeidsovereenkomsten en eventuele bijlagen, enz. Voor deeltijdse arbeid moet kunnen worden aangetoond dat afwijkingen correct worden geregistreerd, hetzij via specifieke documenten, hetzij via een registratiesysteem. Deeltijdse arbeid vormt in de praktijk vaak een probleem aangezien de formaliteiten in dat kader zeer uitgebreid zijn en vaak de grondslag vormen van inbreuken.
Specifiek in de verhuis- en transportsector zullen inspectiediensten ook inzage vragen in gegevens van (digitale) tachografen, dit, onder meer om de rij- en rusttijden na te kijken. Ook zullen er vaak rittenbladen, vrachtbrieven, bestuurderskaarten en het bewijs van gevolgde verplichte opleidingen (code 95) worden opgevraagd en worden onderzocht. Vaak wordt er hier ook gewerkt met onderaannemers, waardoor het zeer belangrijk is om de keten van de (onder)aanneming duidelijk in kaart te kunnen brengen, met in het bijzonder oog voor het principe van de verboden terbeschikkingstelling en de overdracht van het (werkgevers)gezag.
Wanneer buitenlandse werknemers worden tewerkgesteld, kan bovendien bijkomende documentatie worden opgevraagd, zoals een geldige arbeidsvergunning of single permit, alsook Limosa- en A1-formulieren.
Welke sociale inspectiediensten zullen er controleren en wat mogen ze doen?
De sociale inspecties worden gecoördineerd door de Sociale Inlichtingen- en Opsporingsdienst (SIOD). De SIOD is conform zijn eigen website een strategisch orgaan dat op basis van de kennis en inzichten van de betrokken diensten en wetenschappelijke ondersteuning een visie ontwikkelt op sociale fraudebestrijding en deze vertaalt in concrete strategieën.
In de praktijk zien we vaak dat de sociale inspecties niet louter en alleen uitgaan van één specifieke dienst, maar wel worden uitgevoerd door zgn. multidisciplinaire inspectiediensten. Op die manier kunnen de verschillende inspectiediensten controles uitvoeren op de zaken die toebehoren tot hun bevoegdheid.
De controles worden dan ook vaak uitgevoerd door inspecteurs van het Toezicht op de Sociale Wetten (TSW), Toezicht op het Welzijn op het Werk (TWW), de Rijksdienst voor Arbeidsvoorziening (RVA), de Rijksdienst voor Sociale Zekerheid (RSZ), de Vlaamse Sociale Inspectie, enz.
De sociaal inspecteurs zijn geen politieagenten en hebben niet de hoedanigheid van officier van gerechtelijke politie, maar beschikken wel over ruime bevoegdheden. Zij mogen, zonder voorafgaande verwittiging, werkplaatsen betreden die onder hun toezicht vallen evenals elke plaats waarvan zij redelijkerwijs vermoeden dat er personen tewerkgesteld zijn die onder de relevante wetgeving vallen. Daarnaast kunnen zij de identiteit van personen controleren en hen verhoren. Zij hebben ook de bevoegdheid om informatie op te zoeken, te onderzoeken en informatiedragers in beslag te nemen. Verder mogen zij foto’s en filmopnamen maken in het kader van hun onderzoek. Tot slot kunnen zij informatie uitwisselen met andere inspectiediensten of overheden en, indien nodig, zegels opleggen.
Zij kunnen ook inzage vragen in bestuurderskaarten en tachograafgegevens.
Een goede voorbereiding voorkomt problemen
Deze controles hebben geen louter theoretisch karakter, hetgeen blijkt uit recente cijfers. In de periode van 1 januari 2026 tot en met 31 maart 2026 voerden de inspectiediensten in totaal 3.327 controles uit, waarbij in ongeveer twee derde van de gevallen inbreuken op de sociale regelgeving werden vastgesteld. Deze cijfers onderstrepen het belang van een grondige naleving van de sociale wetgeving en tonen aan dat de pakkans reëel is.
De aangekondigde flitscontroles zijn dus geen loutere momentopname, maar maken deel uit van een structureel versterkt handhavingsbeleid. Ondernemingen doen er dan ook goed aan om hun sociale administratie en interne processen tijdig te screenen en waar nodig bij te sturen teneinde risico’s op inbreuken en sancties tot een minimum te beperken.
Indien u bijstand wenst tijdens een sociale inspectie of begeleid wenst te worden in de administratieve (en misschien zelfs gerechtelijke) procedure, kan u steeds een van onze gespecialiseerde advocaten binnen het team arbeidsrecht raadplegen. Zij staan u graag bij om u als ondernemer te ontlasten en te ondersteunen in deze administratieve verplichtingen.
Disclaimer
De informatie op deze website en in onze publicaties is uitsluitend bedoeld voor algemene informatiedoeleinden en vormt geen juridisch advies. Aan de inhoud kunnen geen rechten worden ontleend. Voor advies aangepast aan uw specifieke situatie, raden wij aan om contact op te nemen met een advocaat.






